Category

Non bancaire financieringsvormen

SMF informeert Europarlementariërs over non-bancair financieren

By | Nieuws, Non bancaire financieringsvormen

Is het nieuwe en non-bancair financieren de sleutel tot meer zakelijk succes voor het midden- en kleinbedrijf? En op welke manier kunnen Fintech aanbieders ingezet worden om Europees geld bij het mkb te krijgen?

Donderdag 18 maart is SMF voorzitter Ronald Kleverlaan uitgenodigd om binnen het Europees Parlement de ervaringen uit Nederland toe te lichten in een speciale mkb werkgroep. Samen met de deelnemende Europarlementariërs zal gesproken worden over het nieuwe financieren en de toegang tot financiering voor het MKB.

Onderzoek naar medewerkersparticipatie in het MKB, Nederland loopt achter bij internationale ontwikkelingen

By | Nieuws, Non bancaire financieringsvormen, Onderzoek, Werknemersparticipatie en comunity finance


Als MKB medewerkers ook mede-eigenaar kunnen worden en mee investeren in de onderneming kan dat veel maatschappelijke voordelen opleveren. Uit de internationale vergelijking in het rapport ‘Making employee ownership work in startups and SME’s’ door onderzoekers Lara Spaans, Erik Stam en Ronald Kleverlaan van het European Centre for Alternative Finance (ECAF) van de Utrecht University School of Economics (U.S.E.) loopt Nederland in vergelijking met andere landen economisch, politiek en fiscaal achter in de ontwikkeling van de medewerkersparticipatie.

De drie voordelen van medewerkersparticipatie

Het rapport geeft verschillende adviezen hoe de medewerkersparticipatie in Nederland gestimuleerd en benut kan worden voor een betere vermogensverdeling, meer ondernemerschap en welvaart op de lange termijn voor de hele samenleving. Hierin zullen de politiek, belastingdienst, werkgevers en vakbonden elkaar echter wel moeten vinden.

Ook goed voor de solvabiliteit

Voor meer informatie over het rapport ‘Making employee ownership work in startups and SME’s’ klik je hier. Medewerkersparticipatie is ook een vorm van non-bancair financieren en kan een manier zijn om de solvabiliteit van een onderneming te verbeteren, zie ook onze blog 52.

 

Blog 82: Veelvuldig en succesvol gebruik van de SMF Financieringswijzer

By | Blog, Financieren, techniek en visie, Keurmerk Erkend MKB Financier, Non bancaire financieringsvormen, Onderzoek, (markt-)ontwikkelingen, regelgeving

Op de homepage van deze website staat rechtsboven op de pagina de knop “Vind je financier”. Achter deze knop gaat een handige financieringswijzer schuil. Het is een verwijstool naar de door SMF erkende financiers. Ondernemers krijgen door het invullen van 8 eenvoudige vragen een advies welke erkende financiers passen bij hun financieringsvraag.

Stichting MKB Financiering heeft geen commercieel belang en er worden geen data van gebruikers opgeslagen. Wel vindt anonieme monitoring plaats van het gebruik, van de beantwoording en van de doorverwijzingen. Doorverwijzing van een ondernemer naar de financiers vindt alleen plaats als alle vragen zijn beantwoord. Dat gebeurt in 60% van de gevallen. In dit blog presenteren wij enkele resultaten van het laatste kwartaal 2020, waarin 704 gebruikers voldoen de vragenlijst volledig in.

Hoge score verwijzingen: 83,1%

Ondernemers die de moeite nemen alle vragen te beantwoorden worden beloond. 83,1% van hen krijgt advies voor een mogelijk passende financier. Gemiddeld worden zij naar 4,3 financiers doorverwezen. Men heeft dus de keuze uit meerdere financiers.  

Levensfasen: starters, groeiers, volwassen bedrijven

Het spectrum van de Erkende Financiers sluit goed aan bij de Markt. De verwijzing vinden plaats binnen de drie de vermelde levensfasen: 27% starters, 39% groeiers en 34% volwassen bedrijven worden verwezen naar financiers. Het is bemoedigend dat voor veel  starters financieringsmogelijkheden geboden worden. Hier is een nuancering op zijn plaats. De groep bedrijven zonder doorverwijzing bevat meer dan 90% starters. Veel startende ondernemers zijn aangewezen op financiering vanuit eigen kring, zoals familie, vrienden, informal investors, e.d.

Omvang van de gevraagde financiering

Bijna 70% van de ondernemers die de financieringswijzer invullen hebben een kredietbehoefte tot € 250.000. Het betreft dus echt de ondernemersgroep waar de banken een terugtrekkende beweging vertonen. Van de gevraagde financieringen gaat het in 44% van de gevallen om werkkapitaal. 

Conclusie

De meeste (83%) van de ondernemers die de financieringswijzer volledig invullen krijgen advies op maat om één of meer specifiek bij hen passende financiers te benaderen. Blijkbaar sluit het aanbod van veel financiers met het Keurmerk goed aan bij de vraag in de markt. Ook voor veel starters blijken er financieringsmogelijkheden te zijn. 

Helaas blijken er daarnaast ook veel starters te zijn die (nog) niet geholpen kunnen worden. De toekomst zal leren of de ontwikkeling van de markten van zowel financiers als van financieringsadviseurs ook deze groep ondernemers beter van dienst kan zijn. In de loop van 2021 komen we met een update van de Financieringswijzer gegevens en de nieuwste ontwikkelingen.

Probeer de financieringswijzer zelf eens, je vindt deze hier. 

 

Blog 80: Risk appetite, kies de passende financier

By | Blog, Financieren, techniek en visie, Non bancaire financieringsvormen


Door de grote diversiteit aan financiers hebben ondernemers en hun adviseurs tegenwoordig écht wat te kiezen. Verschillende geldverstrekkers hebben een verschillend aanbod van financieringsproducten. Maar er is méér verschil: verschillende financiers hebben ook een van elkaar verschillend acceptatiebeleid. De ene financier keert zich af van risico’s, de ander zoekt risico’s op, weer anderen bewegen daar tussen. Men heeft een verschillende Risk Appetite. In
blog 79 presenteerden wij vorige week 4 Risk Appetie (RA) profielen van geldverstrekkers:

RA1 Risico mijdend
RA2 Accepteert LAAG risico
RA3 Accepteert HOOG risico
RA4 Risico zoekend

Als je een financiering zoekt en je weet dat jouw financieringspropositie behoorlijk risicovol is, is het verstandig naar een financier in klasse RA3 te zoeken. Ga dan niet naar een bank (RA1), dat is zonde van ieders tijd en energie.

In onderstaande tabel zijn de geldverstrekkers ingedeeld naar hun risicoprofiel. De classificatie is gebaseerd op het primaire gedrag van de meeste geldverstrekkers binnen een groep. Het primaire gedrag van de groep staat vermeld in kolom 1.

Indien er binnen een groep ook verstrekkers zijn met afwijkend gedrag is hún risicoprofiel vermeld in kolom 2: secundair gedrag binnen de groep.  Bijvoorbeeld: 

De groep direct lenders vertoont voornamelijk “laag risicogedrag”, dus profiel RA2. Er zijn echter ook direct lenders die bewust meer risico nemen (bijvoorbeeld via het verstrekken van een achtergestelde lening). Daarom is bij hen in kolom 2 óók het profiel RA3 vermeld. Dat betekent: RA3 is niet representatief voor de gehele groep, maar komt wel degelijk óók voor.

Tot slot is een kolom incidenteel toegevoegd. Als in deze kolom een risicoprofiel vermeld staat heeft dat betrekking op het feit dat in afwijking van het groepsgedrag er (incidenteel) situaties denkbaar zijn van afwijkend gedrag. Bijvoorbeeld:  Banken zijn risicomijdend, dus ingedeeld bij RA1. Maar ze verstrekken incidenteel een risicodragende achtergestelde mezzaninelening. Dat is RA3.

Tabel 1: Risicoprofilering van de geldverstrekkers

 

Toelichting op de classificaties

1. Ondernemer zelf
Spreekt voor zich: de ondernemer accepteert het volledige bedrijfsrisico. Zolang je over eigen middelen beschikt heb je ook niet per se vreemd vermogensverschaffers nodig.

2. Overheid
De subsidie-, fiscale en overige regelingen van de overheid zijn voornamelijk op het hoge risico gericht, mede om het risico voor overige financiers positief te beïnvloeden.

3. FFF
De groep Family, Friends en Fans is heel divers. Over het algemeen is men zo betrokken op de ondernemer dat men een behoorlijk hoog risico accepteert. Maar het kan ook gebeuren dat iemand uit de inner-circle liever géén risico loopt en alleen onder strikte voorwaarden geld ter beschikking stelt (RA2).

4. Investeerders
Dit is een brede en gediversifieerde groep met verschillende risk appetite. Gemiddeld is RA3 een goede indicatie. Investeerders zijn zich bewust van hoog risico. Binnen deze groep vind je zéker ook investeerders die bewust high risk zoeken: bijvoorbeeld verstrekkers van seed capital.

5. Beurs
MKB-beurzen gedragen zij zich “tussen niveau RA2 en RA3. Vanwege hun financieringsproducten hebben wij hen ingeschaald op RA3.

6. Factormaatschappij
Hoewel een factormaatschappij in basis risicomijdend is, past in praktijk het factorproduct bij aanzienlijk risico. Een risicovol bedrijf met bevoorschotbare vorderingen past in het investeringsprofiel van een factormaatschappij.

7. Crowdfunding
Primair zijn de platforms risicobewust om hun investeerders de mogelijkheid te bieden tegen acceptabel risico te investeren. Veel platforms bieden ook starters en innovators financieringen; daarom is de secundaire classificatie RA3 realistisch voor een behoorlijk aantal platforms. En is er sprake van een equity platform dan is RA4 gedrag van toepassing. Vanwege de diversiteit van de platforms is een zorgvuldige selectie vooraf belangrijk om de eigen kans op succes te maximaliseren.

8. Keten
Doorgaans zoeken leveranciers geen risico, vandaar RA2. Dat is het gebruikelijke gedrag in de keten. Sommige leveranciers zijn bereid bewust meer risico te dragen en zelfs bereid tot co-makership overgaan. Dus past in deze groep geldverstrekkers ook RA3 en incidenteel RA4.

9. Direct lender
Voor Direct lenders geldt hetzelfde als voor Crowdfunding. Naast de basishouding RA2 zijn er behoorlijk veel Direct Lenders die bewust een hoger risico accepteren: bijvoorbeeld het verstrekken van blanco financieringen of achtergestelde leningen. Deze financiers acteren op niveau RA3. Kies bewust de bij jouw profiel passende aanbieder.

10. Leasemaatschappij
Leasemaatschappijen zijn in basis risicomijdend, maar hun product (Lease) schaalt hen in de categorie RA2.

11. Werknemersparticipatie
Hoewel het geld dat via een werknemersparticipatie ter beschikking komt formeel risicodragend vermogen is, zijn de werknemers zelf in hun gedrag geen echte ondernemers en classificeren wij hun risk appetite op RA2.

12. Kredietunie
Hoewel het beleid van kredietunies risicomijdend (RA1) is, blijkt hun gedrag meer te passen in klasse RA2: men biedt vaak financiering, juist om vervolgens voor de huisbankier nieuwe financieringsruimte te creëren. Het gedrag van de unies in klantbediening is sterk relatiegericht en is daardoor ook aanvullend op het bankgedrag.

13. Bank
Banken zijn per definitie risicomijdend. In hun totale producten- en dienstenpakket bieden zij wel enkele meer risico dragende financieringsmogelijkheden (mezzanine, participatie).  Daarom zijn ook RA2 en RA3 vermeld. De gemiddelde MKB-ondernemer komt hiervoor niet snel in aanmerking.

Bepaal je risicoprofiel

Aan de hand van tabel 1 kan een ondernemer, de financiers selecteren die bij het eigen risicoprofiel passen. Daarvoor is het wel van belang dat men inzicht heeft in het risicoprofiel, de riskrating, van het eigen bedrijf. In ons volgende blog presenteren wij een gemakkelijk model waarmee een ondernemer of diens adviseur zelf objectief het risicoprofiel kan bepalen. 

Blijf op de hoogte

Elke week de non-bancaire financiële ontwikkelingen, trends en toekomst via ons volgen? Schrijf je dan in voor onze blog en ontvang deze elke week in je postbus.

 

Blog 74: Bedrijfsfinanciering nodig? Hoe pak je dat aan? #2

By | Blog, Financieren, techniek en visie, Non bancaire financieringsvormen


Het aanbod van financiering is groter dan ooit tevoren. In de vorige blog #73 hadden we het over de sleutelwoorden bij het krijgen van bedrijfsfinanciering. Toch is het voor een ondernemer nog niet zo gemakkelijk om passende financiering te verwerven. Hoe komt dat? Het grote aanbod van financiers is  sterk gevarieerd. Veel
financiers richten zich op een specifieke niche. De clou is: benader alleen de bij jouw onderneming passende geldverstrekkers. Hoe? Door zelf vóóraf een aantal essentiële keuzecriteria te beoordelen. Zo kun je gericht zoeken.

Gericht zoeken vergroot jouw kans op succes
Doorloop achtereenvolgens de volgende 7 stappen:

  1. Bepaal hoe groot de financieringsbehoefte is
  2. Kies met welk soort vermogen de kredietbehoefte wordt ingevuld
  3. Stel soort onderneming/ondernemer vast
  4. Longlist: maak nu een technische selectie van potentiële financiers
  5. Formuleer de wensen/voorwaarden waaraan een financiering moet voldoen
  6. Shortlist: selecteer 3 financiers die je gaat benaderen
  7. Stel de formele financieringsaanvraag op

Door deze stappen achtereenvolgens te doorlopen resteren alleen die financiers die bij de ondernemer passen. In dit blog geven we per stap toelichting. De in dit blog gebruikte specifieke termenzijn aan het eind van het blog toegelicht.

Stap A: Bepalen hoe groot de financieringsbehoefte is

Maak een nauwkeurige inschatting van de financieringsbehoefte. Wij hebben deze ingedeeld in 5 klassen: 

A1 A2 A3 A4 A5
< € 50.000 < € 250.000 < € 1.000.000 < € 2.500.000 > € 2.500.000

Selecteer bij voorkeur alleen financiers die zich specifiek richten op de bij jou passende financieringsomvang.

Stap B: Kiezen met welk soort vermogen de kredietbehoefte wordt ingevuld

Vervolgens is de vraag: wat voor soort financiering is gewenst: risicodragend vermogen, vreemd vermogen, of een tussenvorm, zogeheten hybride vermogen (voor toelichting: zie uitleg onderaan dit blog). Hoewel in praktijk vaak direct gekeken wordt naar vreemd vermogen (leningen die terug betaald moeten worden) is het de vraag of dat de beste vorm is voor jou op dit moment. Zodra de solvabiliteit geringer is dan 35% kan het verstandig zijn om een deel van de financiering als risicodragend of hybride aan te trekken, aangevuld met  “gewone” leningen. Maak de keuze uit onderstaande klassen.

B1 B2 B3
Risicomijdend Hybride Risicodragend

Stap C: Vaststellen soort onderneming/ondernemer

Het financieren van ZZP’ers en freelancers wordt door geldverstrekkers volstrekt anders beoordeeld dan een MKB bedrijf. ZZP‘ers en freelancers kunnen lang niet bij alle  geldverstrekkers terecht. Wel zijn er gespecialiseerde financiers, met name in de non-bancaire sector, die zich richten op deze doelgroep. 

Nb: in dit blog wordt het selectieproces vanaf stap D alleen voor MKB ondernemers beschreven. In een later te publiceren blog gaan wij nader in de financiering van ZZP’ers en freelancers. 

Kies de bij jou passend klasse:

C1 C2 C3
MKB ZZP Freelancer

Het vervolg van dit blog is allen van toepassing op klasse C1.

Stap D: Technische selectie potentiële financiers

Op basis van stappen A, B en C kan de eerste selectie van financiers worden gemaakt. In onderstaande tabel zijn er 3 mogelijkheden:
Vlakje met een 1: je valt in primaire doelgroep van aanbieder
Vlakje met een 2: aanbieder kán (meestal) passen, maar diens primaire focus ligt niet in deze categorie
Vlak zonder aanduiding: aanbieder past niet bij de vraag
Toelichting op de aanbieders is onder het blog vermeld. De onderstaande tabel is specifiek  van toepassing op de groep MKB ondernemers.


Bijvoorbeeld

Een ondernemer wenst een lening (klasse B1) van € 200.000 (A2). De volgende financiers scoren én in kolom A2 én in kolom B1 een primaire (1) match: I, II, VII, VIII, IX, X, XII.
In het overzicht zijn commerciële geldverstrekkers opgenomen. Afhankelijk van de specifieke situaties van een bedrijf kan het interessant zijn de mogelijkheden van subsidies in de zoektocht naar financiering te betrekken.

Stap E: Specifieke wensen en voorwaarden

Op basis van de stappen A t/m D vindt een “technische” selectie plaats. Welke financiers kúnnen de gevraagde financiering verstrekken. In blog 69 hebben wij besproken dat bij de keuze van de meest passende financier óók andere, persoonlijke factoren een rol spelen. Genoemd zijn 

  • Prijs
  • Betrokkenheid van de financier
  • Klankbordfunctie van de financier
  • Macht en invloed van de financier
  • Zekerheden
  • Overige factoren, zoals ambassadeurs en/of marketingondersteuning (bijvoorbeeld crowdfunding), of aanvullende diensten op het terrein van administratie, beheer en incasso (bijvoorbeeld factoring). 

Op basis van deze aanvullende wensen kan het gewenste financiersprofiel worden opgesteld ten behoeve van de volgende stap F.

Stap F: Selectie potentiële financiers

Financiers die niet voldoen aan de geformuleerde wensen kunnen nu van de longlist worden verwijderd, zodat een shortlist resteert, waaruit de te benaderen financiers kunnen worden geselecteerd. Benader bij voorkeur alleen die financiers die aan jouw eigen wensen voldoen. Het vergroot de kans van slagen.

In het aangekondigde ebook (begin 2021) worden specifieke kenmerken van de vermelde geldverstrekkers nader toegelicht. Wie biedt een klankbordfunctie, welke financier werkt meer vanuit een formeel juridische positie, wie vraagt welke zekerheden, et cetera.

Stap G: Financieringsaanvraag

Na het doorlopen van de stappen A tot en met F kan een ondernemer gericht de voor hem beste financiers benaderen. Het verdient aanbeveling zorgvuldig een kredietaanvraag op te stellen. Dat verhoogt de slaagkans weer aanzienlijk. Zo’n aanvraag opstellen en indienen bij de financiers vergt een zorgvuldige aanpak. Men kan dat zelf doen, of een specialist inschakelen. Er zijn veel gespecialiseerde financieringsadviseurs werkzaam. Het is de uitdaging ook op dat terrein de beste keuze te maken. Daarom heeft SMF deze week aangekondigd in januari aanstaande het Keurmerk Erkend Financieringsadvies MKB te introduceren. Ondernemers die een erkend financieringsadviseur inschakelen mogen er op rekenen betrouwbaar en adequaat geholpen te worden in hun zoektocht naar passende financiering. Meer informatie vind je op de website website www.erkendfinancieringsadviesmkb.nl.

Blijf op de hoogte

Elke week de non-bancaire financiële ontwikkelingen, trends en toekomst via ons volgen? Schrijf je dan in voor onze blog en ontvang deze elke week in je postbus.

 


Toelichting op de in blog 74 gebruikte begrippen

Stap B: Vermogenstypes

  • B1 Risicomijdend vermogen.

Geld dat aan een onderneming ter beschikking is gesteld dat, ongeacht de gang van zaken van het bedrijf, terugbetaald dient te worden. Voorbeelden zijn alle leningen, kredieten, factoring, leasing.

  • B2 Hybride vermogen

Een mengvorm tussen vreemd vermogen en eigen vermogen. Een hybride financiering is vreemd vermogen (moet worden terugbetaald) met enkele eigenschappen van eigen vermogen. Zo’n eigenschap kan zijn dat de lening is achtergesteld t.o.v. andere leningen binnen het bedrijf. Hybride vermogen wordt meegeteld in het risicodragende vermogen van een onderneming en draagt daardoor bij aan verbetering van de solvabiliteit

  • B3 Risicodragend Vermogen

Het eigen vermogen plus achtergestelde leningen. In geval van betalingsproblemen of faillissement komen de verstrekkers van het risicodragend vermogen als laatste aan de beurt om te worden terugbetaald. Zij dragen zo het risico van de onderneming

  • Solvabiliteit: de hoeveelheid risicodragend vermogen uitgedrukt als percentage van het balanstotaal van een onderneming. 

 

Stap D: Geldverstrekkers

  • Risicodragend en hybride
  1. Eigen inbreng door de ondernemer

Door de ondernemer vanuit privé in de onderneming ingebracht geld

  1. FFF: Family, Friends en Fans

De inner circle van de ondernemer. Ze investeren voornamelijk op basis van het vertrouwen in de ondernemer.  

  1. MKB Beurs

Een MKB-beurs is een platform waarbij beleggers rechtstreeks kunnen investeren in MKB-bedrijven in de vorm van (certificaten van) aandelen en obligaties (leningen). De (certificaten van) aandelen en de obligaties zijn verhandelbaar.

  1. Private equity

De term private equity is een verzamelnaam voor verschillende soorten investeerders die rechtstreeks of d.m.v. een investeringsvehikel investeren in ondernemingen. Denk ondermeer aan informal investors, business angels, seedcapital, regionale ontwikkelingsmaatschappijen, werknemersparticipatie, MKB beurzen, participatiemaatschappijen

  • Risicomijdend
  1. Banken
  2. Crowdfunding 

Een (grote) groep investeerders/beleggers (veel particulieren, maar nier uitsluitend particulieren) investeert gezamenlijk in één project of onderneming. Het bijeenbrengen van vraag en aanbod vindt plaats op het internet via een crowdfunding platform. Crowdfunding is een vorm van P2P

  1. Objectfinanciering

Financiering waarbij de lening onlosmakelijk is verbonden met het object wat er mee wordt gefinancierd. Vormen van objectfinanciering zijn:

  • Hypothecaire geldlening: voor investeringen in onroerend goed;
  • Leasing: voor investeringen in bedrijfsmiddelen, zoals machines en vervoermiddelen;
  • Factoring: voor de financiering van debiteuren (en soms ook voorraad).
  1. Ketenfinanciering

Verzamelnaam van allerlei financieringsvormen tussen bedrijven in de keten onderling. Denk bijvoorbeeld aan leverancierskrediet (werkkapitaal) en uitgestelde c.q. gefaseerde betaling op investeringen.

  1. Peer-to-peer lending (P2P), direct lending

Financiering door geldverstrekkers zonder tussenkomst van financiële instanties (zoals banken). Veelal (maar niet uitsluitend) via internet.

  1. Kredietunie

Een Kredietunie is een coöperatieve kredietvereniging zonder winstoogmerk waarin ondernemers zich per regio of per branche organiseren om elkaar geld te lenen. 

 

 

Zoeken naar financiering zonder bank

By | Actualiteiten, Factoring, Nieuws, Non bancaire financieringsvormen, Private equity en MKB Beurs, Werknemersparticipatie en comunity finance

‘De bank wil niet, dus verzin je iets anders’ kopte het FD maandag 26 oktober, want veel ondernemers kloppen tegenwoordig tevergeefs aan bij hun bank. In het uitvoerige artikel komen een wijnmaker, restaurateur en transporteur aan het woord en geven deze toelichting over waarom zij op zoek gingen naar andere geldbronnen.

Betrouwbaar, onafhankelijk, ambitieus

De MKB’er kozen na afwijzing van de bank voor drie soorten van non-bancaire financiering. De transporteur ging voor Factoring, de wijnhandelaar verkocht aandelen aan zijn klanten en de restaurateur gaat in obligaties aan particuliere beleggers via NPEX.

In het artikel wordt ook duidelijk hoe de ondernemers tot hun keuze van financiering  zijn gekomen. Waar de één kiest voor betrouwbaar, de andere ‘om niet van externen afhankelijk te zijn’ geeft de andere ronduit toe ‘te ambitieus te zijn voor de banken.’

Het hele artikel is te lezen via de website van Het Financieele Dagblad of download een pdf van het artikel.

Zelf op zoek naar non-bancaire financiering? Klik dan naar onze financieringswijzer met de non-bancaire financiers die het Keurmerk Erkend MKB Financier dragen.

Impuls voor non-bancair financieren, crowdfunding gaat de grens over met nieuwe Europese Crowdfunding wetgeving

By | Actualiteiten, Crowdfunding

Na 7 jaar voorbereidingen en onderhandelen is mede door het lobbywerk van het European Crowdfunding Network, input van Stichting MKB Financiering (SMF) en het aanjagen door Europarlementariër Caroline Nagtegaal, gelukt om het Europees Parlement in te laten stemmen met de nieuwe Europese crowdfunding wetgeving (ECSP). Na een korte transitieperiode kunnen ondernemers vanaf eind 2021 in alle 27 Europese landen door deze crowdfunding wetgeving financiering ophalen. Het vervangt nationale wetgeving, waardoor er een geharmoniseerd wetgevend kader ontstaat in heel Europa.

Caroline Nagtegaal: “Het wordt voor ondernemers makkelijker om geld op te halen en dat is van groot belang aangezien banken aan steeds strengere eisen moeten voldoen en dus minder vrijgevig kunnen zijn.”

 

Internationaal crowdfunden

Door de nieuwe wetgeving wordt het voor Nederlandse ondernemers mogelijk om tot €5 miljoen aan non-bancaire financiering via crowdfunding op te halen. Niet alleen bij Nederlandse investeerders, maar uit heel Europa. Daarnaast kunnen voor particuliere investeerders straks via een ‘prikbord’ leningen verkopen en worden zij beter beschermd. Hiermee wordt het weer eenvoudiger voor ondernemers om geld op te halen buiten banken om en wordt er een stevige juridische basis gelegd onder het financieren via crowdfunding.

Noodzaak voor Europese wetgeving

De groei van crowdfunding is niet te stoppen, maar crowdfunding wetgeving in Europa is versnipperd. In een deel van de Europese landen is crowdfunding nog niet toegestaan, andere landen hebben eigen wetgeving ontwikkeld of er wordt gewerkt met ontheffingen. De nieuwe wetgeving lost deze verschillen op.

Meer zekerheden voor investeerders

Binnen de nieuwe wetgeving worden er aanvullende eisen aan het crowdfunding platform gesteld die er voor zorgen dat de risico’s voor de investeerders verlaagd worden. Zo moet het platform aan strengere IT en governance eisen voldoen en moet er een buffer worden aangehouden van een kwart van de kosten op jaarbasis met een minimum van €25.000. Daarnaast mogen crowdfunding platformen niet meer zelf de geldstromen beheren van investeerders, ook niet via een losse stichting. Dit moet gedaan worden door een officiële betalingsinstelling. 

Ronald Kleverlaan (SMF): “Deze wetgeving legt een stevige juridische basis en maakt het eenvoudiger om via crowdfunding internationaal en buiten de bank om geld op te halen.”

 

Meer mogelijkheden voor ondernemers

Voor ondernemers geeft de nieuwe Europese wetgeving ook extra mogelijkheden, omdat een onderneming per 12 maanden nu €5 miljoen aan financiering kan ophalen via een crowdfunding platform en het eenvoudiger wordt om investeringen uit andere landen op te halen. Ook zal het naar verwachting eenvoudiger worden om crowdfunding te combineren met andere financieringen van banken, overheden en andere non-bancaire financiers in binnen- en buitenland, vanwege de duidelijkheid over de nieuwe wetgeving. 

Impact voor de Nederlandse crowdfundmarkt

  • Ontheffingen gaan vervallen. Alle crowdfunding platformen met ontheffing moeten een vergunning aanvragen
  • Crowdfunding platformen met een Mifid-vergunning zullen afweging moeten maken om Mifid vergunning te blijven gebruiken of een nieuwe Crowdfunding vergunning aan te vragen
  • Maximaal bedrag per jaar voor ondernemers om op te halen wordt verhoogd van €2,5 miljoen naar €5 miljoen
  • Geen maximum bedrag per investeerder per project 
  • Geen maximum bedrag per investeerder per jaar
  • Platformen kunnen investeerders via een ‘prikbord’ de mogelijkheid geven om leningen te verhandelen
  • Ervaren en niet-ervaren investeerders krijgen andere behandeling
  • Niet-ervaren investeerders moeten na een totaal aan investeringen boven €1.000 (of 5% van het inkomen) op het platform elke keer een risico-waarschuwing krijgen.

Uitdagingen en kansen voor alle crowdfundingplatforms

De ECSP biedt zowel kansen als uitdagingen voor crowdfundingplatforms die onder de nieuwe regelgeving vallen. Zij zullen in ieder geval een nieuwe vergunning nodig hebben. Voor Nederlandse crowdfunding platforms zal dit een vergunning van de AFM zijn. 

  • Voor platforms die nu onder een ontheffing van de AFM opereren, is het verkrijgen van een vergunning uitdagend, omdat de ESCP meer en hogere eisen stelt dan voor de ontheffing. Ook zullen betalingsinstellingen aanvullende eisen gaan stellen rond KYC en AML om witwassen te voorkomen.
  • Voor crowdfunding platformen die op dit moment met een MiFID vergunning werken (beleggingsonderneming) betekent dit dat zij naast de MiFID vergunning ook een ECSP vergunning moeten verkrijgen. Omdat de ECSP en MiFID niet altijd goed op elkaar aansluiten, zal dit de platforms de nodige hoofdbrekens kosten. Zij moeten in hun bedrijfsvoering rekening houden met zowel regelgeving rond ECSP als MiFID.
  • De ECSP geeft aan dat een crowdfunding platform zowel de belangen van de investeerders als de belangen van de ondernemers moet dienen. Het platform zal daarom rekening moeten houden met mogelijke belangenverstrengeling.
  • Voor crowdfunding platformen die met leningen werken, biedt de ECSP kansen, omdat zij voor hun beleggers het portefeuillebeheer op deze leningen mogen doen. 
  • Ook kunnen de aanbieders grensoverschrijdend opereren. De informatieverplichtingen richting investeerders zijn vastgelegd in de ECSP. Dit zal bestaande belemmeringen van grensoverschrijdende aanbiedingen in hoge mate wegnemen. Denk hier aan de situatie dat lidstaten soms eigen en/of afwijkende regels en (informatie)voorschriften stellen. Crowdfunding platformen kunnen hier ook hun voordeel mee doen, omdat hiermee het bereik van zowel potentiele investeerders als ondernemers aanzienlijk toeneemt.

Blog 61: Community finance versus werknemersparticipatie

By | Blog, Non bancaire financieringsvormen, Werknemersparticipatie en comunity finance


We hebben in de blogs 57, 58 en 59 de werknemersparticipatie (WNP) besproken. In deze laatste blog uit de reeks van vier leggen wij de link van werknemersparticipatie (WNP) naar community finance. 

Community finance, ook wel gemeenschapsfinanciering genoemd, is de overkoepelende term voor het financieren van een project of organisatie door een groep mensen met een gemeenschappelijk doel. In de praktijk betreft het vaak maatschappelijke voorzieningen en projecten die zijn opgezet vanuit een (lokale) gemeenschap, bijvoorbeeld lokale energievoorziening natuur, milieu en zorgvoorzieningen. Maar ook meer bedrijfs-achtige initiatieven als beheer en exploitatie van wijkcentra, sport en recreatieve voorzieningen, infrastructuur en onderwijs. Deze ontwikkelingen zijn mede een gevolg van trends als:

Iedereen investeerder

Een trend die breder gevoed wordt dan alleen door community finance. Het zijn niet alleen sociale initiatieven die mensen aanzetten tot investeren en het leveren van een bijdrage. Ook door ontwikkelingen in de financiële markten, door langdurig lage tot zelfs negatieve rente, worden mensen uitgedaagd spaargeld anders te beleggen. Er is hierdoor veel geld in de markt beschikbaar. In deze zin zijn werknemersparticipatie (WPN) en community finance vergelijkbaar.

Impact investeren

Investeringen die positieve maatschappelijke effecten tot doel hebben. Overigens is financieel rendement wel degelijk ook van belang, maar dat is niet het enige doel. Ook deze trend is toepasbaar op WNP en community finance.

Lokale betrokkenheid

Er is een sterke trend aanwezig naar lokale invloed. Bewoners willen weer invloed hebben op de voorzieningen en bedrijven die in hun buurt actief zijn en minder afhankelijk zijn van politiek en multinationals. Ook lokale productie van voedsel en goederen en ambachtswerk wordt steeds meer gewaardeerd.

Opkomst bewonersbedrijven, Buurt BVs & Community Businesses

Buiten de grote steden in het Verenigd Koningkrijk is het al heel normaal dat lokale bewoners zelf eigenaar willen zijn van gemeenschappelijke voorzieningen, maar ook samen lokale bedrijven willen exploiteren. Deze trend zien we nu ook naar Nederland komen. Zo zijn er in diverse plaatsen al wijken met een eigen stroomvoorziening.

Resultaten voor bredere groep stakeholders

Door de opkomst van maatschappelijke bedrijven, en de erkenning hiervoor door de overheid voor de oprichting van de BVm entiteit, wordt de focus verlegd van winstmaximalisatie voor een kleine groep financiers naar impact voor een brede groep stakeholders. Door financiering en resultaten ook bij een bredere groep stakeholders op te halen, komen ook de financiële baten bij een breder netwerk terecht.

Werknemersparticipatie is op basis hiervan feitelijk een vorm van community finance, waarbij de stakeholders zelf ook als werknemers directe betrokkenheid hebben bij de organisatie waar ze werkzaam zijn.

Financiering als bindmiddel voor bereiken gezamenlijke doel

Financieren is in deze voorbeelden niet alleen een financieel vraagstuk. Hier is financiering  een middel waarmee impliciet een ander doel dan financiering wordt bereikt. Financiering is in feite een geïntegreerd onderdeel van ondernemen, samenwerken en handelen van (groepen van) mensen. Met elkaar kun je voordelen behalen die het individu alleen niet bereikt. Financiering werkt hier als bindmiddel voor het bereiken van het gezamenlijke doel. Eén van de mooie kanten van het nieuwe financieren.

Blijf op de hoogte

Elke week de non bancaire financiële ontwikkelingen, trends en toekomst via ons volgen? Schrijf je dan in voor onze blog en ontvang deze elke week in je postbus.

Eerdere blogs over werknemersparticipatie

Deel 1: Wat is een werknemersparticipatie en welke vormen zijn er
Deel 2: Motieven voor en kenmerken van een werknemersparticipatie
Deel 3: Het invoeren van een werknemersparticipatie
Deel 4: Community finance

 

Blog 59: Werknemersparticipatie, deel 3: het invoeren van een WNP

By | Blog, Non bancaire financieringsvormen, Werknemersparticipatie en comunity finance

De werknemersparticipatie (WNP) is een specifieke vorm van community finance. In een reeks van 4 blogs bespreken wij de kenmerken, de werking en de voor- en nadelen van een WNP. 

Deel 1: Wat is een werknemersparticipatie en welke vormen zijn er
Deel 2: Motieven voor en kenmerken van een werknemersparticipatie
Deel 3: Het invoeren van een werknemersparticipatie
Deel 4: Community finance

Deze week besteden wij aandacht aan het invoeren van een werknemersparticipatie.

Het invoeren van werknemersparticipatie vraagt een zorgvuldige voorbereiding, want de regeling moet lang meegaan. De introductie en invoering van een WNP kent vier fasen:

1. Oriëntatiefase

Wat zijn de afwegingen en motieven en welke doelen wil je nastreven? Wil je medewerkers binden? Zijn er medewerkers die je juist niet wilt binden? Past WNP binnen de cultuur van het bedrijf: is er voldoende communicatie en openheid? Zijn de medewerkers geïnteresseerd in een deelname in het bedrijf? Zijn ze bereid geld te investeren in de onderneming? Wil of kan het bedrijf medewerkers financieel faciliteren om participaties te verwerven? Als duidelijk is dat een participatieregeling past binnen de onderneming, kan men zich oriënteren op welke mogelijkheden en vormen er zijn om te toetsen of deze voldoen aan de geformuleerde doelen. 

2. Ontwerpfase

In de ontwerpfase kies je het gewenste participatiemodel en de omvang van het percentage aandelen dat aan de medewerkers ter beschikking zal worden gesteld. De juridische structuur wordt gecheckt en zo nodig aangepast. In deze fase is het inschakelen van een expert onontbeerlijk. Hoeveel is het bedrijf waard? Er moet een waardebepaling (nulmeting) van de aandelen plaatsvinden, die met de fiscus afgestemd dient te worden. De fiscus wil voorkomen dat medewerkers ‘te goedkoop’ aandelen verwerven, want dat zou een vorm van verkapt loon zijn. Het verdient aanbeveling met de fiscus een lange termijnafspraak te maken over de waarderingsmethode, zodat je niet jaarlijks goedkeuring hoeft te verkrijgen. In de ontwerpfase wordt tevens bepaald hoeveel procent van het aandelenkapitaal voor de medewerkers ter beschikking komt. De vraag is of de regeling voor alle medewerkers toegankelijk wordt gemaakt, of voor een selecte groep. Aan welke voorwaarden en eisen moeten ze voldoen om in aanmerking te komen? Alle voorwaarden en condities worden vastgelegd in een reglement. 

3. Invoeringsfase

De daadwerkelijke invoering vereist goede voorlichting aan de medewerkers. Dit kan geschieden in de vorm van een (beperkte) prospectus. Daarin wordt de bedrijfskundige informatie van het bedrijf opgenomen, evenals een globaal overzicht van de voorwaarden en condities waaronder potentiële deelnemers kunnen deelnemen. Leg in deze fase alle relevante documentatie zorgvuldig vast. Communiceer alleen op basis van de documenten, teneinde ruis in de communicatie te voorkomen. Geef expliciet toelichting op de wijze waarop de waardebepaling (de nulmeting) tot stand is gekomen en leg uit hoe de waarde in de komende jaren zal worden vastgesteld. Dit is immers bepalend voor de waarde van hun deelneming en dus voor het rendement dat de deelnemers op hun investering kunnen realiseren. 

4. Onderhoudsfase

WNP vereist zorgvuldige vastlegging en administratie. Om de handel in de participaties mogelijk te maken, wordt periodiek een “handelsdag” georganiseerd (gebruikelijk is eenmaal per jaar). De medewerkers ontvangen daartoe jaarlijks een specifieke verslaglegging over de gang van zaken van de onderneming, plus de actuele prijs van de participaties. De prijs wordt jaarlijks vastgesteld op basis van de in de regeling opgenomen methode van waardering. Op een handelsdag kunnen medewerkers participaties bijkopen of terugverkopen aan de onderneming (DGA). Periodiek dient de waarde van de participaties door een externe deskundige te worden gecheckt. De frequentie hiervan is mede afhankelijk van de ruling die met de fiscus is getroffen, en van de ontwikkelingen van het bedrijf en zijn omgeving. Een frequentie van eenmaal per drie à vier jaar is meestal toereikend.

Interesse participatie neem toe

Hoewel werknemersparticipaties in het verleden (jaren zestig en zeventig) enige malen inzet zijn geweest bij cao onderhandelingen is het instrument in Nederland beperkt toegepast. Het opleidingsniveau van medewerkers in onze huidige kenniseconomie is hoger en ook ondernemerschap is populairder dan in die periode. Dit zijn wellicht redenen waarom op dit moment de interesse lijkt toe te nemen. Die interesse is breder dan alleen werknemersparticipatie. Ook participatie vanuit de keten (afnemers, leveranciers en financiers) lijkt toe te nemen. Daarom besteden we volgende week nog één blog aan deze verbreding: community finance.

Blijf op de hoogte

Volgende week bloggen we over het invoeren van een werknemersparticipatie. Blijf op de hoogte en schrijf je  in, je ontvangt dan elke week onze blog in je postbus.

 

Blog 58: Werknemersparticipatie, deel 2: motieven en kenmerken

By | Blog, Non bancaire financieringsvormen, Werknemersparticipatie en comunity finance

De werknemersparticipatie (WNP) is een specifieke vorm van community finance. In een reeks van vier 4 blogs bespreken wij de kenmerken, de werking en de voor- en nadelen van een WNP. 

Deel 1: Wat is een werknemersparticipatie en welke vormen zijn er
Deel 2: Motieven voor en kenmerken van een werknemersparticipatie
Deel 3: Het invoeren van een werknemersparticipatie
Deel 4: Community finance

Vandaag besteden wij aandacht aan de motieven en kenmerken.  

Motieven

Het invoeren van een WNP is voor een bedrijf een ingrijpend besluit. Het is noodzakelijk vooraf goed te overdenken welke doelen je wilt bereiken en of het invoeren van een WNP daarvoor het geschikte instrument is. Er zijn veel redenen om een WNP in te voeren. Sommige doelen zijn een vorm van beloning, sommigen komen voort uit de wenst tot prestatieverbetering en weer anderen zijn gericht op ondernemerschap. Mogelijke doelen van een WNP zijn:

  1. Een vorm van belonen zonder cash out
  2. Medewerkers stimuleren en motiveren
  3. Werknemers (ver-)binden aan de onderneming
  4. Minder verloop en het vasthouden van goede mensen binnen de organisatie
  5. Het verbeteren van productiviteit en bedrijfsprestaties
  6. Verbeteren van de eigen vermogenspositie
  7. Voorbereiding voor bedrijfsovername op termijn
  8. Talent aantrekken en binden. WNP is meer dan gewoon salaris
  9. Medewerkers laten groeien naar mede ondernemer 
  10. Start up / scale up: als financiën nog ontbreken om toptalent een hoog salaris te bieden

Een aantal doelen stelt het belang van de medewerkers centraal. Anderen (zoals 6, 7 en 9) zijn meer gericht op ondernemerschap en financiering. De gekozen doelen zijn bepalend voor de vorm waarin de WNP wordt uitgewerkt.

Kenmerken 

Na een gedegen voorbereiding en invoering vergt het onderhoud van de regeling weinig tijd en energie. Een werknemersparticipatie regeling heeft een eigen dynamiek. Het is geen eenmalig project, maar meer een manier van werken met elkaar, hetgeen een motiverende invloed heeft op het personeel. Specifieke andere kenmerken en voordelen zijn: betrokkenheid, binding, ‘company proud’. Als werkgever positioneer je het bedrijf als aantrekkelijk voor medewerkers. Zijn in de onderneming medewerkers werkzaam die mogelijk ooit opvolger worden van de huidige ondernemer? Een participatieregeling kan eventueel een voorbereiding zijn op latere overdracht van de onderneming aan één, enkele of meerdere medewerkers. 

Nadelen werknemersparticipatie

Werknemersparticipatie kent ook nadelen. Is het eenmaal ingevoerd, dan zit je er in principe (voor lange tijd) aan vast. Het is immers onderdeel van de arbeidsvoorwaarden. Voor een ondernemer die het vervelend vindt open te communiceren over de gang van zaken van het bedrijf, is participatie door medewerkers niet geschikt. Medewerkers zijn geen ondernemers zoals de dga zelf wel is. Een ondernemer kent het gevoel van risico en weet dat goede jaren door mindere jaren worden afgewisseld. Als je een WNP in het bedrijf hebt en je aan de deelnemers in enig jaar een slecht resultaat moet melden (waardoor de waarde van hun participaties daalt), kan dat tot teleurstelling leiden. Je mag hopen dat het de participerende medewerkers stimuleert tot extra inzet om de bedrijfsresultaten weer te verbeteren.

Arbeidsvoorwaarden instrument met financieringsaspecten

Tot slot iets over het financieringsaspect: het financieringsvolume van een WNP is beperkt. Als de participatie plaatsvindt door uitgifte van nieuwe aandelen, wordt het eigen vermogen versterkt. Het zijn meestal relatief bescheiden bedragen (tot enkele duizenden euro’s) per medewerker. Desalniettemin vergroot een toename van het kapitaal de leencapaciteit van het bedrijf. Als zodanig ondersteunt het de bestaande financiering en verbetert het toekomstige financieringsmogelijkheden. Werknemersparticipatie is in praktijk een arbeidsvoorwaarden instrument met financieringsaspecten. 

Blijf op de hoogte

Volgende week bloggen we over het invoeren van een werknemersparticipatie. Blijf op de hoogte en schrijf je  in, je ontvangt dan elke week onze blog in je postbus.