All Posts By

Iwan Daniëls

Impuls voor non-bancair financieren, crowdfunding gaat de grens over met nieuwe Europese Crowdfunding wetgeving

By | Actualiteiten, Crowdfunding

Na 7 jaar voorbereidingen en onderhandelen is mede door het lobbywerk van het European Crowdfunding Network, input van Stichting MKB Financiering (SMF) en het aanjagen door Europarlementariër Caroline Nagtegaal, gelukt om het Europees Parlement in te laten stemmen met de nieuwe Europese crowdfunding wetgeving (ECSP). Na een korte transitieperiode kunnen ondernemers vanaf eind 2021 in alle 27 Europese landen door deze crowdfunding wetgeving financiering ophalen. Het vervangt nationale wetgeving, waardoor er een geharmoniseerd wetgevend kader ontstaat in heel Europa.

Caroline Nagtegaal: “Het wordt voor ondernemers makkelijker om geld op te halen en dat is van groot belang aangezien banken aan steeds strengere eisen moeten voldoen en dus minder vrijgevig kunnen zijn.”

 

Internationaal crowdfunden

Door de nieuwe wetgeving wordt het voor Nederlandse ondernemers mogelijk om tot €5 miljoen aan non-bancaire financiering via crowdfunding op te halen. Niet alleen bij Nederlandse investeerders, maar uit heel Europa. Daarnaast kunnen voor particuliere investeerders straks via een ‘prikbord’ leningen verkopen en worden zij beter beschermd. Hiermee wordt het weer eenvoudiger voor ondernemers om geld op te halen buiten banken om en wordt er een stevige juridische basis gelegd onder het financieren via crowdfunding.

Noodzaak voor Europese wetgeving

De groei van crowdfunding is niet te stoppen, maar crowdfunding wetgeving in Europa is versnipperd. In een deel van de Europese landen is crowdfunding nog niet toegestaan, andere landen hebben eigen wetgeving ontwikkeld of er wordt gewerkt met ontheffingen. De nieuwe wetgeving lost deze verschillen op.

Meer zekerheden voor investeerders

Binnen de nieuwe wetgeving worden er aanvullende eisen aan het crowdfunding platform gesteld die er voor zorgen dat de risico’s voor de investeerders verlaagd worden. Zo moet het platform aan strengere IT en governance eisen voldoen en moet er een buffer worden aangehouden van een kwart van de kosten op jaarbasis met een minimum van €25.000. Daarnaast mogen crowdfunding platformen niet meer zelf de geldstromen beheren van investeerders, ook niet via een losse stichting. Dit moet gedaan worden door een officiële betalingsinstelling. 

Ronald Kleverlaan (SMF): “Deze wetgeving legt een stevige juridische basis en maakt het eenvoudiger om via crowdfunding internationaal en buiten de bank om geld op te halen.”

 

Meer mogelijkheden voor ondernemers

Voor ondernemers geeft de nieuwe Europese wetgeving ook extra mogelijkheden, omdat een onderneming per 12 maanden nu €5 miljoen aan financiering kan ophalen via een crowdfunding platform en het eenvoudiger wordt om investeringen uit andere landen op te halen. Ook zal het naar verwachting eenvoudiger worden om crowdfunding te combineren met andere financieringen van banken, overheden en andere non-bancaire financiers in binnen- en buitenland, vanwege de duidelijkheid over de nieuwe wetgeving. 

Impact voor de Nederlandse crowdfundmarkt

  • Ontheffingen gaan vervallen. Alle crowdfunding platformen met ontheffing moeten een vergunning aanvragen
  • Crowdfunding platformen met een Mifid-vergunning zullen afweging moeten maken om Mifid vergunning te blijven gebruiken of een nieuwe Crowdfunding vergunning aan te vragen
  • Maximaal bedrag per jaar voor ondernemers om op te halen wordt verhoogd van €2,5 miljoen naar €5 miljoen
  • Geen maximum bedrag per investeerder per project 
  • Geen maximum bedrag per investeerder per jaar
  • Platformen kunnen investeerders via een ‘prikbord’ de mogelijkheid geven om leningen te verhandelen
  • Ervaren en niet-ervaren investeerders krijgen andere behandeling
  • Niet-ervaren investeerders moeten na een totaal aan investeringen boven €1.000 (of 5% van het inkomen) op het platform elke keer een risico-waarschuwing krijgen.

Uitdagingen en kansen voor alle crowdfundingplatforms

De ECSP biedt zowel kansen als uitdagingen voor crowdfundingplatforms die onder de nieuwe regelgeving vallen. Zij zullen in ieder geval een nieuwe vergunning nodig hebben. Voor Nederlandse crowdfunding platforms zal dit een vergunning van de AFM zijn. 

  • Voor platforms die nu onder een ontheffing van de AFM opereren, is het verkrijgen van een vergunning uitdagend, omdat de ESCP meer en hogere eisen stelt dan voor de ontheffing. Ook zullen betalingsinstellingen aanvullende eisen gaan stellen rond KYC en AML om witwassen te voorkomen.
  • Voor crowdfunding platformen die op dit moment met een MiFID vergunning werken (beleggingsonderneming) betekent dit dat zij naast de MiFID vergunning ook een ECSP vergunning moeten verkrijgen. Omdat de ECSP en MiFID niet altijd goed op elkaar aansluiten, zal dit de platforms de nodige hoofdbrekens kosten. Zij moeten in hun bedrijfsvoering rekening houden met zowel regelgeving rond ECSP als MiFID.
  • De ECSP geeft aan dat een crowdfunding platform zowel de belangen van de investeerders als de belangen van de ondernemers moet dienen. Het platform zal daarom rekening moeten houden met mogelijke belangenverstrengeling.
  • Voor crowdfunding platformen die met leningen werken, biedt de ECSP kansen, omdat zij voor hun beleggers het portefeuillebeheer op deze leningen mogen doen. 
  • Ook kunnen de aanbieders grensoverschrijdend opereren. De informatieverplichtingen richting investeerders zijn vastgelegd in de ECSP. Dit zal bestaande belemmeringen van grensoverschrijdende aanbiedingen in hoge mate wegnemen. Denk hier aan de situatie dat lidstaten soms eigen en/of afwijkende regels en (informatie)voorschriften stellen. Crowdfunding platformen kunnen hier ook hun voordeel mee doen, omdat hiermee het bereik van zowel potentiele investeerders als ondernemers aanzienlijk toeneemt.

Blog 68: Goedkoper kunnen we het niet maken, wel eenvoudiger

By | Blog, Financieren, techniek en visie

Keuzestress: welk financieringsproduct biedt jou de beste oplossing? Lening, staatsgegarandeerd krediet, obligofaciliteit, rekening-courant, borgstellingskrediet, exportfaciliteit, garantiekrediet. Hoe kan een ondernemer de juiste kredietvorm kiezen? Wat betekenen al die verschillende vormen? Wat zijn de voordelen, de kenmerken? En waarom zijn er zo veel producten? Een ondernemer wil gewoon geld lenen en dat terugbetalen. De vraag is eenvoudig, de oplossingen van aanbieders lijken soms ondoorzichtig. Dat is niet nodig.

Financieringsland is in de kern eenvoudig

De productmix in financieringsland is in de kern eenvoudig. Twee productvormen zijn slechts van belang voor het financieren van een onderneming. Alle details en opsmuk vertroebelen het beeld waar het om gaat.

Het eerste productvorm is de (vaste) lening

Bij een vaste lening krijg je een vast bedrag en wordt een vast  aflossingsschema overeengekomen. Eenmaal afgeloste bedragen kun je niet opnieuw opnemen. De looptijd van de vaste lening is daarmee ook duidelijk.

De tweede productvorm is het variabel krediet

Het variabel krediet is een financieringsfaciliteit, meestal met een bovengrens. Bij banken gaat dit in de vorm van een kredietlimiet op de betaalrekening, bij factormaatschappijen in de vorm van een maximaal percentage van de uitstaande vorderingen. Bij de bancaire variant wordt een bovengrens (kredietlimiet) afgesproken. Dit is het maximumbedrag waarover je kunt beschikken, maar je hoeft het niet op te nemen. Je hoeft niet af te lossen. In principe wordt jaarlijks beoordeeld of de hoogte van het kredietmaximum nog toereikend en passend is. Zo niet, dan kan aanpassing plaatsvinden. Bij de factorvariant krijg je een afgesproken percentage uitgekeerd op de overgedragen debiteuren, dus varieert de financiering mee met de verandering van de uitstaande vorderingen.

Eenvoudig toch?

Er is een groot aanbod van zakelijke financieringen. Alle varianten die financiers aanbieden, zijn terug te brengen tot deze twee basisvormen:

  1. vaste lening: je ontvangt de lening, lost periodiek af en her-opname is niet mogelijk.
  2. variabel krediet: je kan beschikken over een wisselend (bank-) krediet ofwel over een bevoorschotting op debiteuren, de faciliteit staat voortdurend (revolverend) ter beschikking.

Vaste lening voor vaste activa

De vaste lening is het meest geschikt voor investeringen in vaste activa. Bijvoorbeeld een investering in een pand, machines of inventaris. Het variabele krediet is het meest geschikt voor de financiering van het werkkapitaal, dus van de exploitatie van een onderneming. Overigens zijn veel non-bancaire financiers, als zij het variabele krediet niet in hun productaanbod hebben, graag bereid een vaste lening aan te bieden ter financiering van het werkkapitaal.

Nu nog de aanbieder kiezen

De keuze van het juiste financieringsinstrument hoeft niet heel moeilijk te zijn. Nu het aantal aanbieders zo groot is is het de vraag: hoe kies je de best bij jou passende aanbieder? Daaraan besteden we aandacht in ons volgende blog.

Blijf op de hoogte

Elke week de non-bancaire financiële ontwikkelingen, trends en toekomst via ons volgen? Schrijf je dan in voor onze blog en ontvang deze elke week in je postbus.

Blog 67: Voor ondernemers geldt: Geld lenen levert geld op, maar is de zzp’er een echte ondernemer?

By | Blog, Financieren, techniek en visie

Ondernemers investeren in bedrijfsgoederen om rendement te maken. Het is vanuit het perspectief van rendement zinvol om een investering (gedeeltelijk) met geleend geld te realiseren… zolang het rendement op de investering groter is dan de kosten van de financiering. Let op: deze redenering gaat voorbij aan de nadelen en de risico’s van financieren. De uitspraak is zuiver cijfermatig. En de conclusie is duidelijk: geld lenen levert geld op als de kostprijs van de financiering lager is dan het rendement van de investering. 

Inkomsten onzekerheid zzp’ers extra groot

Als geld lenen geld oplevert, is de vraag gerechtvaardigd: is krediet zonder limiet verantwoord? Het antwoord is: nee. In ons blog 4 (Krediet zonder limiet) staat toegelicht waarom lenen óók risicovol is: een geldlening bevat vaste verplichtingen, terwijl de omvang van de inkomsten van een ondernemer onzeker zijn. De mate van onzekerheid is veelal groter naarmate een onderneming kleiner is. Een zzp’er is een de kleinst denkbare vorm van ondernemen: over het algemeen geldt dat de onzekerheid van de inkomsten van zzp’ers extra groot is. 

Zzp’er creëert geen ondernemingswaarde

Zzp’ers zijn ondernemers zonder personeel in dienst. Veel zzp’ers voeren niet een bedrijf in de klassieke zin, maar zij exploiteren voornamelijk hun eigen persoonlijke kwaliteit als professional. In de praktijk zijn veel zzp’ers werknemers zonder vast dienstverband. Zij werken voor een beperkt aantal opdrachtgevers. Het continuïteitsrisico van hun inkomen is groot. Een zzp’er creëert in zijn bedrijf wel inkomen, maar geen ondernemingswaarde

Meer zzp’ers zoeken naar financiering

Daar tegenover staat dat de meeste zzp’ers ook niet hoeven te investeren om hun activiteiten te verrichten. Toch zie je in de zakelijke leningenmarkt in toenemende mate ook zzp’ers zoeken naar financiering. Het is belangrijk de juiste afweging te maken bij het financieren van een zakelijke investering. Dat wil zeggen: levert de investering rendement in de bedrijfsvoering? Is dat niet het geval, dan levert de investering géén geld op! Dan kost deze geld. Dan is de andere slogan van toepassing: ‘let op: geld lenen kost geld’. 

Geld lenen groot risico voor zzp’er

Als zzp-ondernemer moet je je dan écht bewust zijn van het feit dat geld lenen een bovengemiddeld groot risico is. Investeringen in een laptop of in een auto om naar je werk te gaan zijn in feite gewoon consumenteninvesteringen. Veel zzp’ers roemen de vrijheid die het zzp-ondernemerschap met zich meebrengt. Hoeveel vrijheid heb je écht als je als zzp’er een (consumenten-) investering financiert met geleend geld met bijbehorende vaste verplichtingen?  

Blijf op de hoogte

Elke week de non-bancaire financiële ontwikkelingen, trends en toekomst via ons volgen? Schrijf je dan in voor onze blog en ontvang deze elke week in je postbus.

 

Uitslag peiling 4: MKB zet rem op investeren

By | Actualiteiten, Corona, Nieuws, Onderzoek, (markt-)ontwikkelingen, regelgeving

Sinds de start van de coronacrisis hebben ONL en Stichting MKB Financiering in maart, mei en juni gepeild hoe het met de liquiditeit en financiering van ondernemend Nederland staat. Om een vinger aan de pols te houden vroegen we op 1 oktober in onze wekelijks app opnieuw hoe het staat met de liquiditeit van ondernemingen.

40% van de ondernemers verwacht binnen half jaar liquiditeitsproblemen

Uit onze wekelijkse vragenlijst blijkt dat 40% van de deelnemende ondernemers nu liquiditeitsproblemen heeft of denkt daar in het komende half jaar mee te maken gaat krijgen. Sinds het begin van de coronacrisis is dit percentage gestaag gedaald maar nog steeds verwachten 4 van de 10 ondernemers in de problemen te komen. Daarbij geven 35% van de ondernemers aan dat ze met deze problemen niet terecht kunnen bij hun bank, wat tijdens de vorige vragenronde nog 26% was. Ook heeft meer dan de helft van de ondernemers die meewerkten aan de peiling niet het gevoel dat de bank naast hun staat als partner bij dit probleem.

73% gaat op korte termijn niet investeren

Daarnaast blijkt dat een meerderheid van 73% van de ondernemers niet van plan is om op korte termijn te investeren. Hierbij staat 1/3 van de respondenten er voor open om anderen mee te laten investeren in hun onderneming als medeaandeelhouder.

Download de resultaten

We hebben alle resultaten van de laatste peiling en een vergelijking met de vorige peilingen op een rij gezet. Deze is te downloaden als pdf.

Doe mee met de volgende peiling

Om goed de ervaringen van ondernemers, de trends en effecten te monitoren van de corona steunmaatregelen zullen we regelmatig een peiling blijven uitvoeren. Wil je bijdragen aan de volgende peiling download dan de ONL app via deze link.

Op de hoogte blijven

Wilt u op de hoogte blijven van de resultaten meld u zich dan aan via info@stichtingmkbfinanciering.nl

 

Investeer het MKB uit de crisis: Maak investeren in MKB aantrekkelijk

By | Actualiteiten, Nieuws

Stichting MKB Financiering en ONL hebben, net als het kabinet, de ambitie om financiering voor het MKB weer toegankelijk te maken. Deze ondernemers verkrijgen moeilijk krediet bij bancaire financiers. Wachttijden voor MKB-kredieten  zijn erg lang en de kosten zijn hoog. Steeds meer non-bancaire financiers bieden daarom passende  financieringsproducten aan voor het MKB. Zij hebben echter meer kapitaal nodig om dit te kunnen  financieren. Hier kan de overheid inspringen. Daarnaast hebben ONL en Stichting MKB Financiering  gezamenlijk onderstaand ‘position paper’ aan het kabinet en kamerleden gestuurd om investeren in het MKB fiscaal aantrekkelijker te maken. Op deze manier komen we samen uit de crisis.

Wat is er nodig? 

ONL en Stichting MKB Financiering hebben twee concrete voorstellen om de investeringen in het MKB weer  op peil te brengen. Het eerste voorstel heeft betrekking tot het gat in de investeringen in het MKB die  ontstaan is ten gevolge van de coronacrisis. Door de economische terugval komen ondernemers voor een  dubbel probleem te staan. Ten eerste zijn de inkomsten minder, waardoor liquiditeitsproblemen ontstaan.  Ten tweede zijn banken terughoudender geworden met het verstrekken van krediet, zowel door de  coronacrisis als het lage rendement op startersleningen. Banken hadden bovendien voorheen financieel  adviseurs in dienst met specifieke expertise op het gebied van financiering van het MKB. Op het moment hebben zij deze vrijwel niet meer in huis. Veel van deze expertise heeftzich verplaatst naar de non-bancaire  financieringsmarkt. Adviseurs die eerst bij banken in dienst waren, zijn nu in verschillende rollen actief in  de non-bancaire sector. Zij hebben echter onvoldoende kapitaal om aan de groeiende vraag naar  financiering vanuit het MKB te voldoen. De overheid kan met hen de handen ineen slaan om dit gat te  dichten. 

Daarnaast is het vaak fiscaal niet aantrekkelijk om te investeren in het MKB. Investeringen in het  Nederlandse MKB blijven achter in vergelijking tot onze buurlanden. Uit onderzoek van Stichting MKB  Financiering blijkt dat veel landen fiscale stimuleringsregelingen hanteren om investeringen in het MKB te  realiseren. Maatregelen zoals de Win-win-lening en een herinvoering van de durfkapitaalregeling

Dicht de ‘Funding Gap’ bij het MKB 

Bestaande overheidsmaatregelen niet berekend zijn op non-bancaire financiers en moeilijk of niet  toegankelijk zijn. Zowel start-, groei-, en innovatiekapitaal zijn moeilijk te verkrijgen voor ondernemers in  het MKB. Mede door de coronacrisis hebben non-bancaire financiers in 2020 tot nu toe bijna €900 miljoen minder aan financiering aan kunnen trekken dan gepland. Gebaseerd op de huidige volumes wordt er  uitgegaan van een tekort van €1,2 miljard over heel 2020, oplopend naar €1,4 miljard in 2021. Deze getallen  kunnen nog oplopen als de kredietaanvraag, zoals verwacht, verder oploopt door de gevolgen van de  coronacrisis. 

Stichting MKB Financiering en ONL hebben de afgelopen maanden enquêtes gehouden onder MKB ondernemers over hun behoefte aan en toegang tot extra financiering. Dit blijft een knelpunt voor het MKB.  Bij de laatste enquête in juni bleek dat 54% binnen nu en 6 maanden nog liquiditeitsproblemen verwacht  en dus behoefte heeft aan financiering. Daarbij geeft 26% van de ondernemers aan dat ze hiervoor niet  terecht kunnen bij een bank. Dit geldt dan vooral voor de kleinere financieringsaanvragen tot €2,5 miljoen. 

Stichting MKB Financiering en ONL zien mogelijkheden voor een overheidsinstrument dat in deze vraag gaat  voorzien. Dit kan gaan om gehele investeringen, maar ook in de rol van co-investeerder. Non-bancaire  financiers hebben meer diversiteit gebracht in de financieringsmarkt, waardoor de keuzemogelijkheden voor ondernemers zijn gegroeid in zowel kwantiteit als kwaliteit. Het zou erg jammer zijn om de diversiteit  in de markt en de productontwikkeling van het laatste decennium nu weer te verliezen door de coronacrisis. 

Maak investeren in het MKB fiscaal aantrekkelijk 

De non-bancaire MKB-financieringsmarkt is een goede mogelijkheid om het gat dat geslagen is tussen  banken en het MKB op te vangen. Deze markt stuit echter op veel barrières die ervoor zorgen dat de  middelen niet bij het MKB uitgezet kunnen worden die nodig zijn om aan de financieringsbehoefte te  voldoen. Een grote barrière voor particuliere investeerders om een grotere rol te spelen in de financiering  van het MKB is de vermogensrendementsheffing. 

In Nederland wordt iedere particulier die qua vermogen boven het heffingsvrij vermogen komt, belast met  een vermogensrendementsheffing van tussen de 1,789% en de 5,28%. Het rendement dat particuliere investeerders doorgaans voor hun investering terugkrijgen weegt vaak niet op tegen deze heffing. Dit zorgt  voor een enorme barrière waardoor particuliere investeerders sneller afzien van een mogelijke investering  in MKB-bedrijven. 

Zoals eerder genoemd, zijn er meerdere voorbeelden van succesvolle fiscale stimuleringsmaatregelen uit  het buitenland. Uit onderzoek van Stichting MKB-financiering komen de volgende twee maatregelen naar  voren om toegang tot investeringen voor het Nederlandse MKB te verbeteren. 

Win-win-lening 

Deze regeling, die het mogelijk maakt een achtergestelde lening te verstrekken tegen een laag  rentepercentage kan positief uitpakken voor de Nederlandse MKB-financieringsmarkt. 

De Win-win-lening biedt de volgende fiscale voordelen aan kredietgevers: 

  • Een jaarlijkse belastingkorting voor de hele looptijd van de lening. De belastingkorting bedraagt  2,5% van de berekeningsbasis, wat neerkomt op een belastingkorting van maximum 1.250 euro per  jaar (want 50.000 euro is het maximum per kredietgever); 
  • De mogelijkheid tot een eenmalige belastingkorting in het geval dat de lening niet wordt  terugbetaald. Deze belastingkorting bedraagt 30% van het openstaand kapitaal van de lening die  definitief verloren is gegaan. 

Met name de kredietverstrekkers die hard worden geraakt door de vermogensrendementsheffing,  ontvangen met de Win-win-lening een stimulans om dit verschil te minimaliseren. 

Durfkapitaalregeling 

Deze regeling is gebaseerd op de Tante Agaath regeling uit 2001. Deze regeling is in 2011 door het kabinet  in Nederland is afgeschaft en zag er als volgt uit: 

  • Een (gemaximeerde) vrijstelling voor box 3 van de Wet IB 2001 voor directe en indirecte  beleggingen in durfkapitaal. 
  • Verliesaftrek voor de inkomstenbelasting op directe beleggingen in durfkapitaal tot een bepaald per startende ondernemer. Deze faciliteit is een persoonsgebonden aftrek. Op grond van de  rangorderegeling van artikel 6.2 Wet IB 2001 mag de aftrek ook ten laste komen van box 3 en  vervolgens box 2 wanneer box 1 daartoe geen mogelijkheid biedt. 
  • Heffingskorting voor directe beleggingen in durfkapitaal. Deze bedraagt een jaarlijks percentage van de gemiddelde directe beleggingen. Deze heffing is sindsdien langzaam afgebouwd totdat het  in 2014 volledig is afgeschaft.

Door het invoeren van de Win-win-lening en Durfkapitaalregeling worden particulieren gestimuleerd om in  het MKB te investeren en te financieren. Dit maakt bedrijven in het MKB minder afhankelijk van de reguliere  bancaire financiering en verbeteren ze de algehele financieringsmarkt voor het MKB. 

Overheid en non-bancaire financiers als helpende hand 

ONL en Stichting MKB Financiering zien de noodzaak van een efficiënte financiering van MKB-ondernemers.  Er ligt hiervoor een breed scala aan relatief simpele maatregelen klaar. Fiscale stimuleringsmaatregelen,  waarbij het aantrekkelijk gemaakt wordt om te investeren in het MKB, zijn cruciaal om in de  financieringsbehoefte van het MKB te voorzien. De financieringsbehoefte van ondernemers in het MKB  neemt de komende tijd alleen maar toe. Reguliere, bancaire financiers schieten tekort in het voorzien in  deze behoefte. Non-bancaire financiers strekken graag de helpende hand uit, maar hebben daarvoor meer  krediet nodig. Hier zien ONL en Stichting MKB Financiering een faciliterende rol voor de overheid in de vorm  van verstrekken van krediet aan deze financiers. Door financiering of fiscale stimulansen zorgen we ervoor  dat investeren in het MKB weer aantrekkelijk gemaakt wordt en dat de ‘funding gap’ gedicht wordt. Op  deze manier geven we MKB-ondernemers de tools die ze nodig hebben om weer te kunnen groeien en de  economie weer te laten draaien.

 

Blog 66: Welke financiering kiest Bert?

By | Blog, Financieren, techniek en visie

Ben je ondernemer met plannen en ideeën? Wil je uitbreiden, groeien, investeren? Wat let je? Goede plannen verdienen het om uitgevoerd te worden. Immers, een goed plan levert rendement op. Je weet precies wat je wil en je weet wat het effect zal zijn van de investeringen. Nog één ding even regelen: de financiering. Want de vraag is: krijg je de financiering rond en zo ja bij welke geldverstrekker en tegen welke voorwaarden? En hoe belangrijk is de prijs?

Wat is de best passende financiering?

Ondernemers met een financieringsvraag doen er goed aan om tijd en rust te nemen om naast de goede investeringsbeslissing óók de beste financieringsbeslissing te nemen. De vraag is: wat is de best passende financiering? We zijn gemakkelijk geneigd te kijken naar de prijs, maar is dat het beste beslissingscriterium?

De context bepaalt

Een voorbeeld, je wilt een fiets kopen, splinternieuw. Je hebt de keuze uit twee modellen: model I is een stadsfiets van € 950, model II is een tourfiets van € 3.450. Welke kies je? Zonder nadere specificatie is die keuze niet te maken. Het maakt nogal verschil of je de fiets 1x per week gebruikt om wat boodschappen te halen, of dat je dagelijks 30 km naar je werk op en neer fietst. De modellen I en II zijn beide een fiets, maar als product zijn de verschillen groot. De context bepaalt mede welke fiets je koopt en welk bedrag je uiteindelijk besteedt. 

Prijs alleen is niet belangrijk

Bij het aantrekken van een lening is dat niet anders. Het verschil van aanbieders vertaalt zich niet alleen in de prijs (de te betalen rente), maar ook in bedrag, looptijd, voorwaarden, zekerheden en snelheid van proces. 

Kijk ook naar de voorwaarden

Een voorbeeld: Bert heeft de keuze uit twee leningen van € 500.000. Financier I vraagt 3,5% rente, Financier II vraagt 6,5% rente. Waarom zou Bert überhaupt de dure lening II overwegen? We kijken naar de voorwaarden:

Lening I

Lening II

Hoofdsom

€ 500.000

€ 500.000

Rente

3,5%

6,5%

Aflossing

60 maanden

60 maanden

Vervroegd aflossen

Boeterente

Boetevrij

Zekerheden

Verpanding inventaris
Verpanding voorraad
Verpanding debiteuren
Verpanding creditgelden
Medeschuldenaar: holding Bert
Borgstelling: Bert privé  € 125.000

Geen zekerheden

Duur aanvraagprocedure

7 weken

1 week

 Bij Lening I zijn Bert, zijn Holding en de werkmaatschappij met handen en voeten gebonden. Als het ooit fout loopt, is hij privé aansprakelijk en zal ok zijn personal Holding worden aangesproken. Bij Lening II betaalt hij wel meer rente, maar daar staat tegenover dat hij persoonlijk geen enkel risico loopt. Voor de “afkoop” van dat persoonlijk risico betaalt hij een premie van 3% extra rente. Is het dat waard?

Keuze van financiering is persoonlijk 

Dat is een persoonlijke afweging. Een gevoelsmatige afweging. Dát is de context waarbinnen een ondernemer een financieringsbeslissing neemt. Voor Bert was de keuze eenvoudig: rust en vrijheid zijn hem extra rente waard. Lening I is in feite een volstrekt ander product als lening II. Een ander product heeft een andere prijs, net zoals bij het eerdere voorbeeld van de fietsen. Bert kan zich de luxe van Lening II veroorloven.

Blijf op de hoogte

Elke week de non-bancaire financiële ontwikkelingen, trends en toekomst via ons volgen? Schrijf je dan in voor onze blog en ontvang deze elke week in je postbus.

 

 

Blog 65: Passende financiering, waar haal je het vandaan?

By | Blog, Onderzoek, (markt-)ontwikkelingen, regelgeving

Uit het onderzoek naar de ontwikkeling van de zakelijke non-bancaire financiering in Nederland dat SMF in juni publiceerde bleek dat de omvang van de non bancaire financiering (€ 2,6 miljard) zó groot is geworden dat niet meer gesproken wordt van alternatieve financiering, maar van non-bancaire financiering. De groei vindt plaats in alle delen van de financieringsmarkt van het MKB (zowel de kleine financieringen als ook de grotere miljoenenverstrekkingen). Tevens werd geconstateerd dat met name bij de financieringsvolumes tot € 1 miljoen het volume van de bancaire financieringen jaarlijks afneemt versus een toename van non-bancaire verstrekkers. De non-bancaire financiers nemen de financieringsrol van de banken in dat segment langzaam maar zeker over.

Het aanbod van financiering is groot en divers geworden, waardoor het voor ondernemers niet altijd duidelijk is waar zij het beste een financiering kunnen aanvragen. De rol van gespecialiseerde financieringsadviseurs wordt in deze markt belangrijker. Zij kunnen de MKB ondernemer begeleiden in hun zoektocht naar financiering. In eerder gepubliceerde blogs hebben wij de verschillende aanbieders van financiering besproken. Onderstaand is een samenvattend overzicht, verdeeld over 4 groepen, opgenomen. Tenslotte is een tabel toegevoegd: dit geeft antwoord op de vraag welke aanbieders gespecialiseerd zijn in welke obligo’s (omvang van bedragen). 

Voor het overzicht onderscheiden wij 4 hoofdgroepen van geldverstrekkers:

1.  Non-bancaire geldverstrekkers

Hieronder rekenen wij de financiers die onderwerp waren van het onderzoek van SMF:

  • Crowdfunding / crowd finance
  • Direct lending / investeringsplatforms
  • Kredietunies
  • Factoring
  • Leasing
  • Vastgoed financiering
  • MKB beurs

2. Keten- en transactie financieringen

Hieronder vallen allerlei (creatieve) financieringsoplossingen die partijen in de keten, binnen hun transacties, met elkaar overeenkomen. 

  • Leverancierskrediet; hieronder valt niet alleen het gewone leverancierskrediet. Een leverancier kan ook in een éénmalige transactie medefinancieren d.m.v. een vendorloan (verkoop onroerend goed, verkoop onderneming, verkoop machines, etc.) 
  • Afnemersfinanciering: Afnemers die vooruit betalen financieren het werkkapitaal van een onderneming.
  • Fiscus: met de fiscus kan men bij achterstand soms goede afbetalingsregelingen overeenkomen. Belangrijk is dat de fiscus “als gewone financier” volledig wordt geïnformeerd en betrokken.

3. Eigen netwerk

Ook het eigen netwerk kan een heel creatieve bron van financiering zijn. Onder deze categorie scharen wij

  • Eigen inbreng van de ondernemer
  • FFF: Family, Friends en Fans
  • WNP: Werknemersparticipatie
  • Informal investors
  • “collega” ondernemers: andere ondernemers uit het eigen netwerk die elkaar helpen

4. Overige traditionele verstrekkers

In bovenstaande categorieën zijn al enkele langer bestaande geldverstrekkers vermeld (zoals factor- en lease maatschappijen). De nog niet genoemde traditionele verstrekkers zijn

  • Banken  en
  • Participatiemaatschappijen

Wie is jouw financieringspecialist?

Het aanbod van financiering is groot. Door het grote aantal verschillende financiers is het de vraag: Wie is SPECIALIST in welk obligo? Immers, voor een financiering van € 10.000 kun je beter niet aankloppen bij een bank. Voor een financiering van € 10 miljoen moet je niet bij een Kredietunie zijn. In onderstaande tabel hebben wij d.m.v. sterren aangegeven tot welke partijen je het beste kan richten. Hierbij zij opgemerkt dat het een indicatieve indeling betreft. 

Aanstal sterren

Blanco : Betreffende geldverstrekker richt zich niet of niet primair op deze obligo’s

∗ : Binnen de groep van deze geldverstrekkers zijn er (enkele) financiers te vinden die betreffende obligo’s verstrekken.
∗∗ : deze obligo’s vormen een belangrijke groep voor deze verstrekker
∗∗∗ : In deze obligo’s is de betreffende geldverstrekker een specialist

< € 50k

< € 250k < € 1 mln < € 2,5 mln < € 10 mln >  € 10 mln
Non-bancair Toelichting
Crowdfunding

∗∗

∗∗∗

∗∗∗

Direct lening / investeringsplatforms Platforms hebben verschillende doelgroepen.
Er zijn platforms die zich beperken tot € 50.000,
er zijn platform die starten vanaf € 500.000.
Per categorie zijn er specialisten

∗∗∗

∗∗∗

∗∗∗

∗∗∗

∗∗

Kredietunie

∗∗∗

∗∗∗

Factoring Kan per factormij verschillen

∗∗

∗∗

∗∗∗

∗∗∗

∗∗∗

Leasing Kan per leasemaatschappij verschillen

∗∗∗

∗∗∗

∗∗∗

∗∗

∗∗

MKB Beurs

∗∗∗

∗∗∗

∗∗

Vastgoedfinanciering

∗∗∗

∗∗∗

∗∗∗

∗∗

Keten / transactie
Leveranciers

∗∗∗

∗∗

Afnemers

∗∗∗

∗∗

Fiscus

∗∗∗

∗∗

(Eigen) netwerk
Eigen inbreng

∗∗∗

∗∗

FFF

∗∗∗

∗∗∗

∗∗

WNP WNP is primair een arbeidsvoorwaarde

Informal investors

∗∗

∗∗

∗∗

Ondernemers

∗∗∗

∗∗

Traditioneel
Bank Kleine obligo’s worden met standaard-producten bediend

∗∗

∗∗∗

∗∗∗

Participatiemaatschappijen

∗∗

∗∗∗

∗∗∗

Ga voor minimaal 3 sterren

Dit overzicht sluit aan bij de gesignaleerde trend in de markt: de non-bancaire financiers zijn op dit moment in toenemende mate de specialisten voor financieringen tot € 1 miljoen en zij spelen in het segment tussen € 1 en € 2,5 miljoen een steeds belangrijkere rol. In de grotere financieringsvolumes spelen de banken vooralsnog een dominante rol.

Ben je dus op zoek naar passende financiering check het bovenstaande schema en ga dan minimaal voor 3 sterren!

Blijf op de hoogte

Elke week de non-bancaire financiële ontwikkelingen, trends en toekomst via ons volgen? Schrijf je dan in voor onze blog en ontvang deze elke week in je postbus.

 

 

Blog 64: Marktmeester: pak je rol!

By | Actualiteiten, Blog


Risico en rendement worden vaak in één adem samen genoemd. De verwachting van een hoog rendement gaat gepaard met een hoog risico. Ik vraag me wel eens af of eenieder zich realiseert wat deze uitspraak echt betekent voor een investeerder? Realiseert men zich wat de vertaling is van “de verwachting van een hoog rendement”? Vrij vertaald: “de serieuze kans op een zeperd”. En dat is alles behalve een aantrekkelijk vooruitzicht. De hoge rendementsverwachting is een roes, het manifesteren van het risico is de kater.

Overheid beïnvloedt risico en rendement

Mensen en organisaties maken voortdurend risico rendements afwegingen. Soms zijn er situaties waarbij de overheid dit proces bewust beïnvloedt, bijvoorbeeld door fiscale wetgeving of garantieregelingen. De overheid doet dat op het moment dat markten zelfstandig onvoldoende functioneren. Stimulerende maatregelen bieden dan hulp.

Zakelijke financieringsmarkt MKB functioneert onvoldoende 

Een markt die op het ogenblik is de zakelijke financieringsmarkt van het midden- en kleinbedrijf. Het is m.n. voor kleine bedrijven lastig passende financiering te vinden en te verkrijgen (zie ook blog 62, waarin wij pleiten voor een financieringsfonds voor MKB financiers). Financieringen tot € 250.000 zijn meer en meer het domein geworden van de nieuwe financiers. Maar ook van particuliere beleggers die direct of indirect (via crowdfunding platforms, via beleggings- en investeringsfondsen) kleine bedrijven financieren. De markt is veranderd, maar functioneert nog onvoldoende. Tijd dus voor de overheid om door middel van wet- en regelgeving de markt te stimuleren!

Fiscale maatregelen kan haperende markt stimuleren

In de afgelopen maanden heeft  Céline Smits voor SMF een afstudeeronderzoek uitgevoerd. Het rapport heeft de titel “Het stimuleren van de Nederlandse MKB financieringsmarkt” en is hier te downloaden. In de studie worden vele overheidsmaatregelen vanuit verschillende landen besproken en beoordeeld en komt de visie van veel betrokkenen uit de markt aan bod. Conclusie is dat de overheid door middel van fiscale maatregelen de haperende markt kan stimuleren.

Onderzoek pleit voor Winwinlening en herinvoering Durfkapitaalregeling

Expliciet wordt gepleit voor een herinvoering van de Durfkapitaalregeling (voorheen Tante Agaathregeling) en de invoering van de Winwinlening naar Belgisch model. Wij onderschrijven deze conclusies en pleiten er voor dat de overheid haar rol van marktmeester grijpt en maatregelen neemt waardoor het in de eerste alinea genoemde verband tussen risico en rendement positief wordt beïnvloed. Het financieren van MKB ondernemingen wordt daardoor vergemakkelijkt.

Blijf op de hoogte

Elke week de non-bancaire financiële ontwikkelingen, trends en toekomst via ons volgen? Schrijf je dan in voor onze blog en ontvang deze elke week in je postbus.

 

Stop fiscale heffing op investeren, stimuleer MKB-financieringsmarkt met Durfkapitaalregeling en Winwinlening

By | Actualiteiten, Algemeen, Nieuws, Onderzoek, (markt-)ontwikkelingen, regelgeving


De MKB-sector groeit hard. Dit geldt echter niet voor de MKB-financieringsmarkt. Sinds de kredietcrisis van 2008 is het voor banken steeds minder winstgevend geworden om kredieten te verstrekken aan het MKB. De non-bancaire MKB-financieringsmarkt is een goede mogelijkheid om het gat dat geslagen is tussen banken en het MKB op te vangen. Deze markt stuit echter op veel barrières die ervoor zorgen dat de middelen niet bij het MKB uitgezet kunnen worden die nodig zijn om aan de financieringsbehoefte te voldoen. Een grote barrière voor particuliere investeerders om een grotere rol te spelen in de financiering van het MKB is de vermogensrendementsheffing.

Heffen versus stimuleren onderzocht

De  vermogensrendementsheffing barrière kan worden beslecht door een fiscale stimulans te geven in plaats van een fiscale heffing op investeren, zoals dat nu het geval is. Buitenlandse fiscale voorbeelden en voordelen in het SMF onderzoek Het stimuleren van de Nederlandse MKB-financieringsmarkt, Fiscale steunmaatregelen op basis van internationale voorbeelden wijzen daarop. Daarnaast is er een groeiende noodzaak tot het creëren van meer eigen vermogen in de MKB-sector. 

Over de vermogensrendementsheffing

De vermogensrendementsheffing is een fiscale belasting. In Nederland wordt iedere particulier die qua vermogen boven het heffingsvrij vermogen komt, belast met een vermogensrendementsheffing van tussen de 1,789% en de 5,28%. Het rendement dat particuliere kredietgevers doorgaans voor hun investering terugkrijgen weegt vaak niet op tegen deze heffing. Dit zorgt voor een enorme barrière voor particuliere kredietgevers die door deze belastingheffing sneller afzien van een mogelijke investering in MKB-bedrijven. Dit leidt in Nederland tot een groot MKB-financieringsprobleem omdat de MKB-sector niet de middelen kan aantrekken die ze nodig heeft.

Fiscale stimulans in plaats van fiscale heffing

Elders in Europa blijft de MKB-financieringsmarkt niet zo achter als in Nederland. In het SMF onderzoek is gekeken naar een aantal Europese landen die het op dit vlak goed doen. De desbetreffende landen zijn: het Verenigd Koninkrijk, België en Duitsland. Deze drie landen hebben goede en relatief eenvoudig toepasbare fiscale oplossingen die bijdragen aan het stimuleren van de (non-bancaire) MKB-financieringsmarkt. Er worden namelijk diverse fiscale stimuleringsregelingen toegepast om het financieel aantrekkelijk te maken om het MKB te financieren. Zo maakt België gebruik van vier fiscale regelingen, Duitsland één en het Verenigd Koninkrijk zes. In plaats van een fiscale belastingheffing wordt er in het buitenland een fiscale stimulans geboden. 

Effectiviteit van regelingen vergeleken

Deze fiscale stimulansen zijn in het onderzoek onder de loep genomen en geanalyseerd. In een onderzoek van de Europese Commissie uit 2017 (1.) komt naar voren dat fiscale stimulansen die verlichting bieden bij vervreemding en/of verlies het meest effectief blijken. Nederland heeft in het verleden ook gebruik gemaakt van zo’n fiscale stimulans, namelijk door de invoering van de Tante Agaathregeling, later veranderd in de zogenaamde Durfkapitaalregeling. Deze regeling is echter in 2011 afgeschaft. 

Voorbeelden fiscale stimuleringsmaatregelen die positief uitpakken

In het SMF onderzoek is naar voren gekomen dat voornamelijk de Belgische Winwinlening (2.), een regeling om een achtergestelde lening te verstrekken tegen een laag rentepercentage en de herinvoering van de Durfkapitaalregeling (verstrekken van eigen vermogen om de solvabiliteit van een bedrijf te verhogen) positief zouden kunnen uitpakken voor de Nederlandse MKB-financieringsmarkt.

De Winwinlening biedt de volgende fiscale voordelen aan kredietgevers:

  • Enerzijds een jaarlijkse belastingkorting voor de hele looptijd van de lening. De belastingkorting bedraagt 2,5% van de berekeningsbasis, wat neerkomt op een belastingkorting van maximum 1.250 euro per jaar (want 50.000 euro is het maximum per kredietgever);
  • Anderzijds de mogelijkheid tot een eenmalige belastingkorting in het geval dat de lening niet wordt terugbetaald. Deze belastingkorting bedraagt 30% van het openstaand kapitaal van de lening dat definitief verloren is gegaan.

Met name de kredietverstrekkers die hard worden geraakt door de vermogensrendementsheffing, ontvangen met de Winwinlening een  stimulans om dit verschil te minimaliseren.

De oorspronkelijke Durfkapitaalregeling bestond uit drie fiscale instrumenten:

  • Een vrijstelling voor box 3 van de Wet IB 2001 voor directe en indirecte beleggingen in durfkapitaal. Deze vrijstelling was gemaximeerd tot een bedrag van 51.390 euro en voor partners bedroeg dit bedrag het dubbele (102.780 euro).
  • Verliesaftrek voor de inkomstenbelasting op directe beleggingen in durfkapitaal tot 46.984 euro per startende ondernemer. Deze faciliteit is een persoonsgebonden aftrek. Op grond van de rangorderegeling van artikel 6.2 Wet IB 2001 mag de aftrek ook ten laste komen van box 3 en vervolgens box 2 wanneer box 1 daartoe geen mogelijkheid biedt.
  • Heffingskorting voor directe beleggingen in durfkapitaal. Deze bedraagt per jaar 1,3% van de gemiddelde directe beleggingen tot en met 2010. Deze heffing is sindsdien langzaam afgebouwd totdat het in 2014 volledig is afgeschaft.

Conclusie invoeren Winwinlening en Durfkapitaalregeling

Door het invoeren van de Winwinlening en Durfkapitaalregeling worden particulieren gestimuleerd om in het MKB te investeren en te financieren. De MKB-sector zou daarmee enorm geholpen zijn en minder afhankelijk zijn van de reguliere bancaire financiering en verbeteren ze de algehele financieringsmarkt voor het MKB.

Download het onderzoek

Voor het gehele onderzoek Het stimuleren van de Nederlandse MKB-financieringsmarkt, Fiscale steunmaatregelen op basis van internationale voorbeelden is beschikbaar als pdf via deze link. 

  1. https://ec.europa.eu/taxation_customs/sites/taxation/files/final_report_2017_taxud_venture-capital_business-angels.pdf
  2. https://www.vlaio.be/nl/subsidies-financiering/subsidiedatabank/winwinlening

 

Win, win, win situatie

By | Actualiteiten, Algemeen, Nieuws, Onderzoek, (markt-)ontwikkelingen, regelgeving

Het stimuleren van de MKB-financieringsmarkt kan fiscaal veel beter, maar hoe? Céline Smits ging voor ons op onderzoek uit en kwam met mooie fiscale steunmaatregelen en voorbeelden uit het buitenland die ook goed zouden kunnen werken in Nederland. 

Met het onderzoek Het stimuleren van de Nederlandse MKB-financieringsmarkt, Fiscale steunmaatregelen op basis van internationale voorbeelden studeerde Céline af als bachelor Finance, Tax & Advice aan de Hanzehogeschool te Groningen. Vanuit SMF werd ze begeleid door SMF bestuurslid Jaap Koelewijn. 

Voor meer over het onderzoek en het volledige rapport klik je hier.